Coens column – Schaamte

Soms loop ik over straat en denk ik plotseling: ‘schijnbaar wordt schaamte schromelijk onderschat’. Meestal loop ik daarna per ongeluk tegen een voetganger op, zodat ik mij schaam vanwege mijn afwezigheid tijdens mijn deelname aan het verkeer. Maar als ik mijn weg vervolg denk ik alweer: ‘schaamte is de stichter van het al het kwaad.’ Ik durf niet met zekerheid te zeggen dat al mijn gedachten doorgaans zo aforistisch van aard zijn; wellicht is dat het resultaat van een intermediair geestelijk gistingsproces dat plaatsvindt tussen gedachten en schrift.

Ja, ik ben er inmiddels wel over uit dat het beter zou zijn als de mensheid zich wat meer zou schamen. Om te beginnen zouden heel veel mensen ’s ochtends gewoon binnen blijven. Men zou in de spiegel kijken en denken: ‘nee, laat ik het vandaag gewoon niet doen.’ Niemand zou meer al bellend in de bus uitleggen aan de gesprekspartner hoe het er vandaag met de genitale wratten voorstaat. De pestkop in de klas zou zich beschaamd terugtrekken, en huilen om al het veroorzaakte leed. De slechte docent zou eerst naar huis gaan om zijn colleges te herstructureren, in plaats van dat hij er zich zo schaamteloos gemakkelijk van afmaakt.

Zoals je aan bloedarmoede kunt lijden, lijden wij allen aan een collectief schaamtegebrek. In dat licht is het niet zo verwonderlijk dat er oorlogen, verkrachtingen en meer van dat soort vervelende omstandigheden bestaan. Hoogstwaarschijnlijk heeft de moeder van Khadaffi, of de moeder van Stalin, haar kind nooit geleerd wat schaamte is, en dat je daar maar beter aan kunt toegeven. Wat komt ervan terecht als iemand geen schaamte, geen natuurlijk ingebouwde rem kent?

Natuurlijk, ik weet ook wel dat schaamte bestaat bij de gratie van een collectieve moraal waaraan men de eigen opvattingen kan toetsen. En die moraal, voor zover die bestaat, wordt onbewust gecreëerd door het collectief, een verzameling van mensen die zich te weinig schamen. Maar laten we als experiment nou eens éénmaal naar de Bijbel kijken. Volgens Genesis schiep God de mens zonder schaamte; die kwam pas nadat Adam en Eva van de vrucht aten. Schaamte staat dus aan de bron van al het kwaad. Ik zou bij dezen willen beweren dat de mens die schaamte ook weer nodig heeft om weer in het paradijs te kunnen leven.

Coen van Beelen

Be Sociable, Share!

Leave a Reply