Wedstrijdcolumn Pieter Groenewege: Brief aan mijn bovenbuurman

Beste bovenbuurman,

Reeds enkele weken heb ik de eer gehad dagelijks zo rond tien uur ’s avonds te mogen genieten van uw engelenzang, dat u steeds stijlvol begeleidt met uw engelenharp. Uw door mij onbetaalde concerten houden vaak urenlang aan. Via deze weg wilde ik u hiervoor mijn grootse waardering doen toekomen.

Uw stem is van ongeëvenaarde kwaliteit. Ze is zo kraakhelder en toonvast, dat sinds u begonnen bent met uw scanderingen het ongedierte in mijn kamer zijn heil elders heeft gezocht (hopelijk in uw mond, waar het optimaal van uw stembanden kan genieten) en ze is zo vol en zoet van klank, dat steeds als u zingt, mijn geluidsinstallatie begint mee te zoemen op uw toon, onderwijl zo nu en dan knarsend en piepend tot stilte bedarend. Uw zang bezorgt mij zoete dromen, ja, waarin ik u vaak voor mij zie als zojuist onthoofde melaatse zedendelinquent, die met zijn nagorgelende strottenhoofd de omstanders danig weet te bekoren.

Continue reading